Camping De Stille Hoek: Waar Tinus de wekker is en de buurman het wandelen beu is
Dag #3: De Grote Tinus-Show en een twijfelende pelgrim
Als je denkt dat je op een camping genaamd ‘De Stille Hoek’ voor je rust komt, heb je buiten Tinus gerekend. Om 06:00 uur vond onze harige viervoeter het namelijk wel welletjes met de beperkte vierkante meters van de caravan. Tinus besloot dat het tijd was voor een ochtendgymnastiek-sessie voor het hele gezin. Resultaat? Barbara mocht in alle vroegte het groen gaan verkennen, terwijl de lokale vogelpopulatie een concert gaf waar een gemiddelde rockband doof van zou worden. Bonuspunten voor de Shetlanders ter plaatse: die krengen denken blijkbaar dat ze Golden Retrievers zijn en renden vrolijk mee.
De rest van de middag bestond uit de klassieke camping-bezigheid: zinloos in de zon zitten en doen alsof je heel druk bent met ontspannen. Barbara besloot het dorp Vierlingsbeek onveilig te maken op haar elektrische motorstep. Stel je een kruising voor tussen een Easy Rider en een boodschappenkarretje, en je hebt het beeld.
Ondertussen maakten we kennis met Rik, onze nieuwe buurman. Rik is een man met een missie, of liever gezegd: een man met blaren. Hij heeft er al 320 kilometer op zitten en moet er nog 180. Maar Rik heeft een openbaring gehad: wandelen is eigenlijk gewoon heel erg vermoeiend. Terwijl hij twijfelde of hij zijn wandelschoenen in de dichtstbijzijnde sloot zou mikken, hebben wij hem maar een biertje gegeven. Niets lost een existentieel wandel-conflict sneller op dan hop en gerst. Door het vroege gewek van Tinus lagen we zelf ook weer vroeg in de nesten. De buitenlucht eist zijn tol, of misschien is het gewoon de wetenschap dat de wekker (Tinus) morgen weer om 06:00 uur afgaat.
Dag #4: Hypo’s, Koffie-Rik en de Magie van de Uitdijende Bagage
Verrassing! Op dag 4 was het niet Tinus die de boel terroriseerde om zes uur ’s ochtends, maar ondergetekende. Mijn suikerspiegel besloot een duikvlucht te nemen. Een hypo zorgt voor een hoop gezelligheid: iedereen wakker, ik zwetend in bed, en Barbara in de weer om de boel te stabiliseren.
Terwijl ik lag bij te komen, stond buurman Rik alweer te trappelen bij zijn tentje. Barbara, de heilige van de camping, heeft hem nog snel voorzien van een bakkie troost voordat hij aan zijn (misschien wel laatste) kilometers begon. Ik heb de man niet eens meer kunnen uitzwaaien; ik was te druk met het heroveren van mijn waardigheid.
Toen de rust was teruggekeerd, begon het grote logistieke drama: inpakken. Het is een natuurwet op de camping dat je met meer spullen vertrekt dan je bent aangekomen, ook al heb je niets gekocht. De caravan zat voller dan een gemiddeld magazijn van de Action. Na het voltanken van de auto – want een caravan trekken is voor een motor hetzelfde als een marathon lopen met een rugzak vol bakstenen – zijn we richting huis gekacheld.
Maar niet zonder een pitstop in Etten-Leur voor het ‘witte goud’. Verse asperges! Een waardige afsluiting van vier dagen overleven in de Limburgse natuur. Nu zit de vakantie er weer op. Barbara mag morgen weer aan de bak voor de knaken, en ik? Ik bewaak het fort in Breda. Tinus ligt waarschijnlijk alweer te dromen over hoe hij ons morgenochtend om 06:00 uur wakker kan maken, maar deze keer trek ik het dekbed over mijn hoofd.
Conclusie van ‘De Stille Hoek’: Het was allesbehalve stil, maar wel goud waard.

Leuk geschreven. De hypo was niet leuk, diabetes heeft nooit vakantie, die laat je nooit alleen, gaat altijd met je mee, zelfs naar Smakt. Toch hebben jullie zo te lezen een leuke trip gehad, ik kijk naar de volgende.